T
A
21°C
[5-03] 18°C
[2-01]
A
Instelpunt normale kamertemperatuur
t
Tijd
T
Temperatuur
Wanneer de kamertemperatuurterugstelfunctie actief
OPMERKING
is, wordt de waterterugstelwerking ook uitgevoerd (zie
"Besturing op basis van temperatuur uittredend water"
op pagina
6).
Let op dat u de terugstelwaarde niet te laag instelt, vooral
in koudere perioden (bijv. in de winter). Anders is het
mogelijk dat de kamertemperatuur niet kan worden bereikt
(of dat dit pas na lange tijd gebeurt) wegens het grote
temperatuurverschil.
Besturing op basis van temperatuur uittredend water
In deze stand wordt het verwarmen geactiveerd volgens de vereisten
van het instelpunt van de watertemperatuur. Het instelpunt kan hetzij
manueel worden ingesteld, hetzij met de weektimer, hetzij volgens
het weer (automatisch).
Werking verwarmen van ruimten selecteren
1
Druk op de
-knop om verwarmen van ruimten AAN/UIT te
schakelen ( ).
Het symbool
verschijnt op het display samen met het
overeenkomstige instelpunt van de watertemperatuur.
De bedrijfs-led
begint te branden.
2
Stel de gewenste temperatuur uittredend water in met de
- en
-knoppen.
Temperatuurbereik voor verwarmen: 25°C~80°C (temperatuur
uittredend water)
Om overmatige verwarming te voorkomen, is verwarmen van
ruimten niet mogelijk wanneer de buitentemperatuur boven een
bepaalde temperatuur ligt (zie bedrijfsbereik).
Zie "Weektimer afstandsbediening" voor de instelling van de
weektimerfunctie.
I
OPMERKING
Wanneer
geïnstalleerd is, wordt de thermo AAN/UIT
bepaald door de externe kamerthermostaat. De
afstandsbediening wordt dan gebruikt in de
besturingsmodus op basis van temperatuur
uittredend
kamerthermostaat.
I
De AAN/UIT-status van de afstandsbediening heeft
altijd voorrang op de externe kamerthermostaat!
Werking op basis van weersafhankelijk instelpunt selecteren
Wanneer de weersafhankelijke werking is geactiveerd, wordt de
temperatuur uittredend water automatisch bepaald op basis van de
buitentemperatuur: koudere buitentemperaturen zorgen voor warmer
water en omgekeerd. De unit heeft een variabel instelpunt. Deze
werking heeft een lager stroomverbruik dan met een manueel
vastgelegd instelpunt temperatuur uittredend water.
In
de
weersafhankelijke
doeltemperatuur van het water met maximaal 5°C verhogen of
verlagen. Deze omschakelwaarde is het temperatuurverschil tussen
het temperatuurinstelpunt berekend door de controller en het
werkelijke instelpunt. Een positieve omschakelwaarde bijvoorbeeld
betekent dat het reële temperatuurinstelpunt hoger ligt dan het
berekende instelpunt.
EKHVMRD50+80ABV1 + EKHVMYD50+80ABV1
Daikin Altherma binnenunit
4P404418-3 – 2015.04
t
[2-02]
een
externe
kamerthermostaat
water
en
werkt
niet
werking
kan
de
gebruiker
Werk bij voorkeur met weersafhankelijk instelpunt omdat dit de
watertemperatuur aanpast aan de actuele vereisten voor het
verwarmen van ruimten. Het voorkomt dat de unit te veel tussen
thermo AAN- en thermo UIT-werking schakelt wanneer u de
kamerthermostaat van de afstandsbediening of een externe
kamerthermostaat gebruikt.
OPMERKING
Tijdens deze werking verschijnt de omschakelwaarde
die door de gebruiker kan worden ingesteld in plaats
van het instelpunt van de watertemperatuur op de
controller.
1
Druk
1
keer
weersafhankelijk instelpunt te selecteren (of 2 keer wanneer de
functie kamerthermostaat van de afstandsbediening wordt
gebruikt).
Het symbool
omschakelwaarde. De omschakelwaarde wordt niet weergegeven
indien deze 0 bedraagt.
2
Stel de omschakelwaarde in met de
knoppen.
Bereik voor de omschakelwaarde: –5°C tot +5°C
Het symbool
van weersafhankelijk instelpunt geactiveerd is.
3
Druk op de
weersafhankelijk instelpunt te deactiveren.
De
- en
temperatuur uittredend water in te stellen.
De parameters voor werking van de unit op basis van
weersafhankelijk instelpunt worden bepaald door lokale instellingen.
Zie
"4.15. Lokale instellingen" op pagina 19
beschrijving van het instellen van één of meerdere lokale
instellingen.
T
t
Lo_Ti
Hi_Ti
Lo_A
T
Doeltemperatuur water
t
T
Buitentemperatuur
A
Shift value
= Omschakelwaarde
I
[3-00]
Lage
buitentemperatuur.
I
[3-01]
Hoge
als
buitentemperatuur.
I
[3-02] Instelpunt bij lage omgevingstemperatuur (Lo_Ti): de
doeltemperatuur
buitentemperatuur gelijk is aan of lager daalt dan de lage
omgevingstemperatuur (Lo_A).
Merk op dat de Lo_Ti-waarde hoger dient te zijn dan Hi_Ti, omdat
voor koudere buitentemperaturen (nl. Lo_A) warmer water is
vereist.
I
[3-03] Instelpunt bij hoge omgevingstemperatuur (Hi_Ti): de
doeltemperatuur
buitentemperatuur gelijk is aan of hoger stijgt dan de hoge
omgevingstemperatuur (Hi_A).
de
Let op dat de Hi_Ti-waarde lager dient te zijn dan Lo_Ti, omdat
voor warmere buitentemperaturen (nl. Hi_A) minder warm water
volstaat.
op
de
-knop
om
de
verschijnt op het display samen met de
staat op het display zolang de werking op basis
-knop om de werking op basis van
-knoppen worden gebruikt om de
voor een gedetailleerde
Hi_A
T
omgevingstemperatuur
omgevingstemperatuur
van
het
uitlaatwater
van
het
uitlaatwater
werking
met
- en
-
+ 05
00
Shift value
– 05
A
(Lo_A):
lage
(Hi_A):
hoge
wanneer
de
wanneer
de
Gebruiksaanwijzing
6