INFORMATIE
Het contact voor de voeding met voorkeur kWh-tarief is
aangesloten op dezelfde klemmen (X5M/3+4) als de
veiligheidsthermostaat. Het systeem kan alleen maar
OFWEL een voeding met voorkeur kWh-tarief OFWEL een
veiligheidsthermostaat hebben.
7.10.17 De voeding van de anti-
legionellaverwarming aansluiten
WAARSCHUWING
De anti-legionellaverwarming MOET een speciale voeding
hebben
en
MOET
beveiligingsinrichtingen
wetgeving.
VOORZICHTIG
Om zeker te zijn dat de unit volledig geaard is, verbind
steeds
de
elektrische
legionellaverwarming en de aardingskabel.
Controleer met de tabel hieronder of de elektrische voeding
overeenstemt met de capaciteit van de anti-legionellaverwarming.
Capaciteit anti-
Elektrische voeding
legionellaverwarm
ing
2,4 kW
1~ 230 V
1 Sluit de voedingskabel van de anti-legionellaverwarming aan op
de juiste aansluitklemmen zoals hieronder afgebeeld.
F2B
L N
L N
2 Bevestig
de
kabel
kabelbinderbevestigingen.
7.10.18 De elektrische bedrading op de back-
upverwarming aansluiten
Tracés
Kabels
a
Doorverbindingskabel (thermistor back-upverwarming)
Lage
spanning
b
▪ Elektrische voeding back-upverwarming
Hoge
▪ Doorverbindingskabel (thermische beveiliging back-
spanning
upverwarming + aansluiting back-upverwarming)
1 Steek de bedrading doorheen de bodem van de back-
upverwarming.
2 In de back-upverwarming, leg de bedrading als volgt:
ERLQ004~008CA + EHVH04+08S18+26CBV
Daikin Altherma – Lage-temperatuur-Split
4P449975-1C – 2018.07
beschermd
worden
door
de
vereist
door
de
geldende
voeding
van
de
anti-
Maximumstroom in
functie
11 A
met
kabelbinders
op
Type back-
upverwarming
*6W
a Bedrading voor lage spanning
b Bedrading voor hoge spanning
3 Bevestig
de
kabelbinderbevestigingen.
OPMERKING
De afstand tussen de kabels voor hoge spanning en deze
voor lage spanning moet minstens 50 mm bedragen.
7.10.19 De voeding van de back-upverwarming
aansluiten
VOORZICHTIG
Om zeker te zijn dat de unit volledig geaard is, verbind
steeds de elektrische voeding van de back-upverwarming
en de aardingskabel.
WAARSCHUWING
De back-upverwarming MOET een speciale voeding
hebben
en
beveiligingsinrichtingen
wetgeving.
De capaciteit van de back-upverwarming kan variëren volgens het
model. Controleer met de tabel hieronder of de elektrische voeding
overeenstemt met de capaciteit van de back-upverwarming.
Type back-
Elektrisch
upverwarmin
e voeding
g
de
*6W
1~ 230 V
3N~ 400 V
(a)
De apparatuur voldoet een de norm EN/IEC 61000-3-12
(Europese/internationale technische norm die de grenzen
vastlegt inzake harmonische stromen geproduceerd door
apparatuur aangesloten op openbare
laagspanningssystemen met een ingangsstroom >16 A en
≤75 A per fase).
(b)
Deze apparatuur voldoet aan de norm EN/IEC 61000-3-11
(Europese/internationale technische norm die de grenzen
vastlegt inzake spanningsveranderingen,
spanningsschommelingen en flikkeringen in openbare
laagspanningssystemen voor apparatuur met een nominale
stroom ≤75 A), op voorwaarde dat de systeemimpedantie
Z
kleiner dan of gelijk is aan Z
sys
tussen de voeding van de gebruiker en het openbare
systeem. Het behoort tot de verantwoordelijkheid van de
installateur of gebruiker van de apparatuur om ervoor te
zorgen, indien nodig in overleg met de
distributienetwerkbeheerder, dat de apparatuur alleen
wordt aangesloten op een voeding met een
systeemimpedantie Z
1 Sluit de voeding van de back-upverwarming aan. Voor F1B
wordt een 4-polige zekering gebruikt.
2 Indien nodig, wijzig de aansluiting op aansluitingspunt X14M.
7 Installatie
Tracés
a
b
bedrading
met
kabelbinders
MOET
beschermd
worden
vereist
door
de
Capaciteit
Maximumstr
back-
oom in
upverwarmi
functie
ng
3 kW
13 A
(a)(b)
6 kW
26 A
3 kW
4,3 A
6 kW
8,6 A
op het interfacepunt
max
kleiner dan of gelijk aan Z
sys
Uitgebreide handleiding voor de installateur
op
de
door
de
geldende
Z
(Ω)
max
—
—
—
—
.
max
49