Servicehandboek Koelkasten 1999
6.3.9
Temperatuurregelaar KE 650-2-2T
Het koelapparaat is uitgerust met twee temperatuurregelaars:
1.
Koelvak – deze temperatuurregelaar meet de temperatuur in het koelvak en regelt de functie
van de compressor dienovereenkomstig.
2.
Vriesvak – deze temperatuurregelaar is een kleppenthermostaat die de luchttoevoer naar het
koelvak regelt.
Door de vriesvaktemperatuurregelaar op de laagste stand te zetten, wordt de toevoer van gekoelde lucht
naar het koelvak verminderd. De temperatuurregelaar voor het koelvak werkt met een sensor die de
compressor pas bij voldoende koeling uitschakelt. Door de verminderde luchttoevoer loopt de
compressor langer en de temperatuur in het vriesvak daalt, terwijl de benodigde koelvaktemperaturen
onveranderd blijven.
Door de vriesvaktemperatuurregelaar op de hoogste stand te zetten, wordt de toevoer van gekoelde
lucht naar het koelvak daarentegen vergroot en naar het vriesvak verminderd. Hierdoor wordt de
temperatuursensor van het koelvak sneller afgekoeld, wat wederom tot een kortere looptijd van de
compressor en tot hogere temperaturen in het vriesvak leidt. De aanbevolen temperatuur van het
koelvak blijft, indien de temperatuurregelaar voor het vriesvak niet op een extreme temperatuur wordt
ingesteld, bij benadering gelijk. Het verschil tussen inschakel- en uitschakeltemperatuur bedraagt ca.
5°C.
6.3.10 Controle van de bedrijfstemperaturen
De temperatuurvoeler bevindt zich in het koelvak. Het voelerbuisje is om een thermisch effectieve massa
gewonden, die zich in de linker (KE 650-2-2T) resp. rechter (KE 470-2-2T) achterhoek van de regelkast
bevindt. Een geringe hoeveelheid lucht wordt over de thermisch effectieve massa geleid, waardoor een
gelijkblijvende looptijd bij gewijzigde omgevingsfactoren wordt gewaarborgd.
Ter controle van de inschakel-/uitschakeltemperaturen moet de voeler van het temperatuurmeetappa-
raat aan de voelerbuis worden bevestigd en de regelaar in de middelste stand worden gezet.
De compressor twee of drie complete cyclussen laten doorlopen. Als de weergegeven temperatuur meer
dan 1°C van de benodigde temperatuur afwijkt, is de regelaar defect en moet hij worden vervangen. Hij
hoeft niet opnieuw gekalibreerd te worden.
Alleen voor intern gebruik
37