B) VOORBEREIDING
1) Draag om te maaien altijd stevige schoenen en een lange broek
Draag om te maaien altijd stevige schoenen en een lange broek. Gebruik de
Draag om te maaien altijd stevige schoenen en een lange broek
Draag om te maaien altijd stevige schoenen en een lange broek
machine nooit blootsvoets of met open sandalen.
2) Onderwerp de zone waar u de machine gaat gebruiken aan een grondige inspectie en
verwijder alle voorwerpen die kunnen worden weggeslingerd door de machine.
3) GEVAAR! Benzine is licht ontvlambaar:
-- - bewaar benzine in speciaal daarvoor bestemde bussen;
-- - tank uitsluitend buiten en rook niet tijdens het tanken;
-- - tank alvorens de motor te starten. Verwijder de brandstofvuldop nooit en giet
nooit brandstof in de tank terwijl de motor draait of wanneer hij nog heet is;
-- - wanneer u benzine morst, start de motor dan niet en verwijder de machine van de
plaats waar de benzine gemorst werd. Creëer geen ontstekingsbron alvorens de
benzinedampen verdwenen zijn;
-- - breng alle brandstoftank- en brandstofbusdoppen opnieuw aan en draai ze goed dicht.
4) Vervang defecte geluiddempers.
5) Onderwerp de machine vóór gebruik
het mes, de mesbouten en het mesgeheel niet versleten of beschadigd zijn. Vervang
versleten of beschadigde messen en bouten altijd in sets om de juiste balans te
behouden.
C) BEDIENING
1) Start de motor nooit in een gesloten ruimte waar de gevaarlijke koolmonoxidedampen
niet weg kunnen.
2) Gebruik de machine uitsluitend bij daglicht of bij helder kunstlicht.
3) Koppel de messen los en schakel in neutraal alvorens de motor te starten.
4) Niet gebruiken op hellingen van meer dan 10° (17%).
5) Denk eraan dat er geen ''veilige'' hellingen bestaan.
Bij het rijden over grashellingen dient men bijzonder voorzichtig te zijn. Om omkantelen
te voorkomen:
-- - nooit plots stoppen of starten tijdens het hellingopwaarts of hellingafwaarts rijden;
-- - koppel de aandrijving langzaam in en houd de machine steeds in versnelling, vooral bij
het hellingafwaarts rijden;
-- - de snelheid moet laag worden gehouden op hellingen en bij scherpe
richtingsveranderingen;
-- - wees alert voor bulten en gaten of andere verborgen gevaren in het grasveld;
-- - maai nooit dwars op de hellingwand.
6) Stop het draaien van het mes alvorens over een niet met gras begroeide ondergrond te
rijden.
7) Gebruik de machine nooit met beschadigde afschermingen, of zonder
geïnstalleerde beschermingsinrichtingen.
Page 70 de 181
vóór gebruik altijd aan een visuele inspectie om na te gaan of
vóór gebruik
vóór gebruik