Vereisten voor de
installatieplaats
Plaats
5 cm
Vlakke vloer : Toegestane helling onder de hele
wasmachine is 1°.
Stopcontact : Moet zich binnen 1,5 meter vanaf de
plaats van het apparaat bevinden.
• Overbelast het stopcontact niet met meer dan
één apparaat.
Extra opruiming : Voor de muur, 5 cm: achterkant
/1 cm: rechter- & linkerkant
• Plaats of bewaar nooit wasproducten op de
wasmachine. Deze producten kunnen de deklaag
of de bedieningstoetsen beschadigen.
OPMERKING
• Houd voor betere droogprestaties de achterkant
van het apparaat van de muur vandaan.
• Installeer het apparaat niet op een plaats waar
het kan vriezen of op een stoffige plaats.
• Het apparaat werkt dan misschien niet goed of
het kan beschadigd raken door het bevriezen van
gecondenseerd water in de pomp en afvoerslang.
• Installeer het apparaat niet naast een apparaat
met hoge temperatuur, zoals een koelkast, oven
enz., waardoor de droogprestaties kunnen
verslechteren en wat de programmaduur en het
goed functioneren van de compressor kan
beïnvloeden. Het apparaat werkt het beste bij een
kamertemperatuur van 23°C.
1 cm
1 cm
Plaatsing
• Installeer de wasmachine op een vlakke, harde
vloer.
• Zorg ervoor dat de luchtcirculatie rond de
wasmachine niet wordt belemmerd door tapijten,
vloerkleden, enz.
• Probeer nooit oneffenheden in de vloer onder de
wasmachine te corrigeren met stukken hout,
karton of soortgelijke materialen.
• Installeer uw wasautomaat niet in ruimtes waar
vriestemperaturen kunnen voorkomen. Bevroren
slangen kunnen barsten onder druk. De
betrouwbaarheid van de elektronische
regeleenheid kan afnemen bij temperaturen onder
het vriespunt.
• Indien de machine wordt bezorgd in de winter en
het vriest, laat u de wasmachine enkele uren
staan bij kamertemperatuur voordat u deze in
gebruik neemt.
• Zorg ervoor dat wanneer het apparaat is
geïnstalleerd, de droger gemakkelijk toegankelijk
is voor een technicus in het geval van een
storing.
• Stel de vier voetjes af met een steeksleutel als
het apparaat geplaatst is, om te zorgen dat het
apparaat stabiel staat en zorg voor een ruimte
van ongeveer 20 mm tussen de bovenkant van
het apparaat en de onderkant van een werkblad.
Ventilatievereiste
• Muurnis of onder aanrecht
− Zorg voor een luchtstroom van ongeveer 3,17
kubieke meter/min door het apparaat
• Kast
− De kastdeur moet 2 (louvre-)openingen hebben,
elk met een minimum oppervlak van 387
vierkante cm, 8 cm vanaf de boven- en
onderkant van de deur.
NL
11