Inbedrijfstelling
De instellingen van de circulatiepomp (max./min. toerental) kunnen in het regelsysteem worden aangepast.
7.7
Accessoires activeren
De hieronder getoonde accessoires worden niet bij de warmtepomp geleverd, maar als ze zijn geïnstalleerd, moeten ze in het regelsys-
teem worden geactiveerd.
Flowsensor
U kunt een flowsensor aansluiten om de flow in het brinecircuit te regelen.
N
De flowsensor activeren:
1. Druk linksboven op het startscherm op
2. Druk op
3. Druk op de tekst Warmtepomp.
4. Druk op
(Pressostaat flow/druk aan/uit) om te activeren.
5. Druk op om terug te keren naar Instellingen.
Heetgaspomp
De heetgaspomp start als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
▪ de compressor loopt
en
▪ het hete gas heeft een temperatuur van 65 °C
De heetgaspomp stopt als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
▪ de compressor is gestopt
of
▪ het hete gas heeft een temperatuur onder 60 °C
of
▪ het hete gas zakt onder 60 °C bij normale werking
1. Druk linksboven op het startscherm op
2. Druk op
3. Ga met door naar de menupagina voor de instellingen voor heet gas.
4. Druk op
om heet gas in te schakelen.
5. Controleer of de heetgaspomp draait door:
▪ te luisteren;
▪ een hand op de pomp te leggen;
▪ te luisteren of er lucht in zit.
6. Ontlucht zo nodig het heetgascircuit.
7. Druk op om terug te keren naar het menuscherm.
32
Mega
Als er in het regelsysteem een flowsensor is geactiveerd terwijl er geen
flowsensor is geïnstalleerd, start de warmtepomp niet.
.
.
VIJSD310
Thermia Värmepumpar