3.5 Ventilatorsnelheid
1 Het hoofdscherm wordt weergegeven.
2 Druk op "
" om "Ventilatorsnelheid" in te stellen. De snelheid van de ventilator verandert zoals
hieronder wordt aangegeven, afhankelijk van het type binnenunit.
Automatisch
VENTILATORSNELHEID VENTILATORSNELHEID VENTILATORSNELHEID VENTILATORSNELHEID VENTILATORSNELHEID
FAN SPEED
OPMERKING
• De ventilatorsnelheden "Hoog2" of "Auto" zijn eventueel niet beschikbaar, afhankelijk van het
type binnenunit.
• Zodra de Temperatuur en de Ventilatorsnelheid zijn ingesteld, wordt de instelstatus opgeslagen
en hoeft deze niet te worden herstelt.
3.6 Richting van de pendellamellen
1 Druk op " " (Aan/Uit). Controleer of de airconditioner op AAN staat.
2 Druk op "
" en selecteer "Richting van de Lamellen".
3 Door op " " of " " te drukken verandert de richting van de lamellen zoals hieronder
afgebeeld, de richting van de verschillende soorten lamellen wordt anders weergegeven.
VERWAR-
MEN,
VENTILA-
TOR
KOELEN,
ONT-
VOCHTI-
GEN
LCD indi-
catie
: Het automatisch bewegen van de lamellen begint. Het icoontje op het LCD-scherm blijft heen
en weer bewegen.
" om de instelling te bevestigen en ga terug naar het hoofdscherm.
4 Druk op "
PMNL0630 rev.0 - 03/2023
Middelhoog
Laag
FAN SPEED
Automatisch lamellenbereik voor VERWARMEN en VENTILATOR
Bereik voor VERWARMEN en VENTILATOR
Automatische
Automatisch lamellenbereik voor KOELEN en ONTVOCHTIGEN
lamellenbe-
weging
Bereik voor KOELEN en ONTVOCHTIGEN
Hoog
FAN SPEED
FAN SPEED
Hoog2
FAN SPEED
13
3