Download Inhoudsopgave Inhoud Print deze pagina

Lynx Smart Bms-Trigger; Werking Van De Accumonitor; Onderhoud Van De Accu - Victron energy Lynx Smart BMS Handleiding

Verberg thumbnails Zie ook voor Lynx Smart BMS:
Inhoudsopgave

Advertenties

Modus
Hoofdcontactor
Uit
Open
Lynx Smart BMS-apparaatmodi en status van de interfaces
Modus
Soft-schakelaar VictronConnect-
AAN
Stand-by
UIT
* Alleen mogelijk vanuit de stand-bymodus
Handmatig van apparaatmodus wisselen

7.4. Lynx Smart BMS-trigger

Dit gedeelte beschrijft het gedrag van de Lynx Smart BMS als de drempel voor een vooralarm is bereikt of wanneer een lage of
hoge celspanning of een lage temperatuur geactiveerd wordt.
De drempellimieten voor een vooralarm, een lage celspanning en een lage temperatuur worden in de accu ingesteld.
Vooralarm
Als een celspanning daalt en de drempel voor het vooralarm bereikt wordt, wordt het programmeerbare relais geactiveerd, indien
geconfigureerd in de alarmrelaismodus. Dit geeft een geavanceerde waarschuwing van een dreigende lage celspanning, en
voordat de belastingen worden uitgeschakeld. Een vooralarm wordt aangegeven door middel van het rode LED-lampje dat elke 4
seconden 3 keer knippert. De Lynx Smart BMS zorgt voor een minimale vertraging van 30 seconden tussen het activeren van het
vooralarm en het uitschakelen van de belastingen.
Uitschakeling bij lage celspanning
Als de celspanning te laag wordt en de lage celspanningsdrempel wordt bereikt, wordt het ATD-contact geopend en alle
belastingen uitgeschakeld. Als de Lynx Smart BMS verbonden is met een GX-apparaat, worden de DVCC-compatibele
omvormers die op hetzelfde GX-apparaat zijn aangesloten, ook uitgeschakeld. Na 5 minuten zonder voldoende laadspanning
op de systeemkant van de BMS wordt het uitgeschakeld.
Uitschakeling bij lage temperatuur of hoge celspanning
Als een celspanning te hoog wordt en de drempel voor hoge celspanning wordt bereikt (3.75 V hard gecodeerd in de accu), of
als de drempel voor een lage temperatuur wordt bereikt (instelbaar in de accu), wordt het ATC-contact open en alle acculaders
uitgeschakeld. Als de Lynx Smart BMS verbonden is met een GX-apparaat, worden de DVCC-compatibele acculaders die op
hetzelfde GX-apparaat zijn aangesloten, ook uitgeschakeld.

7.5. Werking van de accumonitor

De Lynx Smart BMS heeft een ingebouwde accumonitor Het meet de accuspanning en -stroom Op basis van deze metingen
berekent het de laadtoestand, de resterende tijd en houdt het historische gegevens bij, zoals de diepste ontlading, de gemiddelde
ontlading en het aantal cycli.

7.6. Onderhoud van de accu

Als de Lynx Smart BMS eenmaal in gebruik is, is het belangrijk om goed voor de accu's te zorgen.
Dit zijn de standaard richtlijnen:
Pagina 23
Lynx Smart BMS
ATC
ATD
Uitgang
AUX-
vermogen
Uit
Uit
Uit
Soft-schakelaar GX-apparaat
app
Ja
Ja
Ja
VE.Can-
Bluetooth
poort
Uit
Aan
Bedrade remote aan/uit-
Ja*
Ja
Nee
Inbedrijfstelling en bediening van de
Beoogde gebruik
door de AUX-
voedingspoort. We
raden aan om die
te gebruiken om
het GX-apparaat van
stroom te voorzien.
Laagste vermogen-
modus. Alle
interfaces zijn
uitgeschakeld en
de contactor is
geopend.
schakelaar
Ja
Nee
Ja
Lynx Smart BMS

Advertenties

Inhoudsopgave
loading

Inhoudsopgave