EPSON SC-S70600 series/SC-S50600 series/SC-S30600 series Gebruikershandleiding
Geeft de printerstatus, de werking en foutberichten
weer.
"Wanneer een melding wordt weergegeven"
U
op pagina 144
B
Verwarmingstemperatuur
Van links naar rechts ziet u hier de temperatuurin-
stellingen voor de verschillende verwarmingsonder-
delen (voorverwarming, plaatverwarming en naver-
warming). De thermometerpictogrammen geven
een ruwe indicatie van de huidige temperatuur van
de verwarmingsonderdelen.
: De verwarming heeft de geselecteerde tem-
peratuur bereikt.
: De verwarming heeft de geselecteerde tem-
peratuur nog niet bereikt.
C
Informatie over het afdrukmateriaal
❏
Van links naar rechts ziet u hier het geselecteerde
afdrukmateriaal, de degelruimte (afstand tussen
printkop en plaat), de breedte van het
afdrukmateriaal en de resterende hoeveelheid
afdrukmateriaal.
❏
Als een in deze printer opslagen instelling voor het
afdrukmateriaal is geselecteerd, wordt het nummer
van de geheugenpositie (van 1 t/m 30)
weergegeven. Wanneer RIP-instellingen is
geselecteerd, wordt 0 weergegeven.
❏
De geselecteerde degelruimte wordt aangegeven
als volgt.
: 1,5
: 2,0
: 2,5
❏
De resterende hoeveelheid afdrukmateriaal wordt
niet weergegeven als Uit is geselecteerd bij
Instellingen Resterend in het menu Resterende
Media.
"Het menu Media-instelling" op pagina 131
U
D
Cartridgestatus
Inleiding
Geeft bij benadering aan hoeveel inkt er nog aanwe-
zig is en wat de actuele status is. Wanneer de inkt
bijna op is of er een fout optreedt, verandert het
display zoals hieronder wordt getoond.
Normaal
1 Statusindicators
De cartridgestatus wordt aangegeven als volgt.
: Gereed om af te drukken. De hoogte
van de indicator verandert met de hoe-
veelheid inkt die er nog is.
: De inkt is bijna op. Houd een nieuwe
cartridge bij de hand.
: De resterende hoeveelheid inkt heeft
de limiet bereikt. Vervang de oude car-
tridge door een nieuwe bij gebruik
van de SC-S30600 series of als u geen
steunkleurinkten gebruikt.
Vervang de oude cartridge onmiddel-
lijk door een nieuwe bij gebruik als u
steunkleurinkten gebruikt. Als de ou-
de cartridge niet wordt vervangen,
kan de printkop of andere delen wor-
den beschadigd.
: De cartridge is niet vergrendeld. Zet
de hendel van de vergrendeling om-
laag.
: Er is geen cartridge geplaatst. Plaats
de cartridge en zet de hendel van de
vergrendeling omlaag.
: Er heeft zich een fout voorgedaan.
Lees de foutmelding op het display en
los het probleem op.
: Er is een Cleaning cartridge (Reini-
gingscartridge) geïnstalleerd. De hoog-
te van de indicator verandert met de
hoeveelheid reinigingsvloeistof die er
nog is.
21
Waarschuwing of fout
1
2