6. Til de ventilator weg van de palmsteun- en toetsenbordeenheid.
De ventilator installeren
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De afbeelding geeft de locatie van de ventilator aan en biedt een visuele weergave van de installatieprocedure.
Stappen
1. Plaats de ventilator op de palmsteun- en toetsenbordeenheid.
2. Lijn de schroefgaten op de ventilator uit met de schroefgaten op de polssteun- en toetsenbordeenheid.
3. Plaats de twee schroeven (M2x2) terug waarmee de ventilator op de palmsteun- en toetsenbordeenheid wordt bevestigd.
4. Leid de kabel van de I/O-kaart door de geleiders op de ventilator.
5. Sluit de kabel van de ventilator aan op de systeemkaart.
6. Sluit de I/O-kaartkabel aan op de systeemkaart en sluit de vergrendeling.
7. Breng de tape aan waarmee de kabel van de I/O-kaart aan de systeemkaart wordt bevestigd.
Onderdelen verwijderen en plaatsen
37