10
De interface-kabel en
netsnoeren aansluiten voor
een printer met de optionele
invoerlade 4
Let op
De printer moet zijn uitgeschakeld
(aan/uitknop naar buiten) voordat u de
interface-kabel en de netsnoeren
aansluit.
1 Pak de interface-kabel (A), het
connectorpaneel (B) en het gewone
netsnoer (C).
Let op
Het is mogelijk dat de interface-kabel (A)
al is aangesloten op de printer en op
invoerlade 4. Ga in dit geval verder met
stap 4. Als dit niet het geval is, ga dan
verder met stap 2.
2 Sluit het einde van de interface-kabel
dat is gemerkt met een punt aan op
de printer boven de parallelle
connector.
3 Sluit het andere uiteinde van de
interface-kabel (gemerkt met twee
punten) aan op de connector op
invoerlade 4 die is gemerkt met twee
punten.
4 Bevestig het connectorpaneel aan de
achterkant van de printer door de
klem in de ruimte tussen de printer en
lade 4 te plaatsen.
DU