groepen (A, B en C).
Onderdelen die kunnen worden veranderd
Flitsniveau
U kunt het flitsniveau voor elke groep instellen.
GROUP (groep-flitsopnamefunctie)
De flitsfunctie wordt voor elke groep ingesteld. U kunt de ontvangers indelen in maximaal vijf
groepen (A, B, C, D en E).
Onderdelen die kunnen worden veranderd
Flitsfunctie
U kunt de flitsfunctie voor elke groep instellen.
De flitsfuncties voor de groepen A, B en C kunnen worden ingesteld op [TTL] of [MANUAL].
De flitsfuncties voor de groepen D en E liggen vast op [MANUAL].
Stel de flitsfunctie in op [OFF] als u niet wilt dat een flitser in de te gebruiken groep afgaat.
Flitscompensatie (alleen voor groepen die zijn ingesteld op de flitsfunctie [TTL])
Flitsniveau (alleen voor groepen die zijn ingesteld op de flitsfunctie [MANUAL])
Hint
TTL-niveau geheugenfunctie*
Bij TTL-flitsfotografie zal het gemeten flitssterkteniveau automatisch worden ingesteld als
het flitssterkteniveau voor de MANUAL-flitsstand. Op deze manier kunt u in de MANUAL-
flitsstand de flitssterkte laten regelen op basis van het flitssterkteniveau gemeten tijdens
TTL-flitsfotografie en zo een reeks handelingen uitsparen die anders nodig zouden zijn om
het flitssterkteniveau te bepalen.
Om de instelling van de TTL-niveau geheugenfunctie te veranderen, moet u [TTL LEVEL
MEMORY] gebruiken op het MENU-scherm.