7
Toets het te blokkeren telefoonnummer in (maximaal 8 cijfers).
8
Druk op g om overige nummers in te voeren en op te slaan.
9
Druk op c om de instelling op te slaan.
Eventuele bestaande telefoonnummers kunnen worden over-
schreven. Bij een huis- of bedrijfscentrale moet u rekening
houden met het toegangsnummer voor de buitenlijn.
Selectieve blokkering in-/uitschakelen
1
Druk op c.
Druk op /.
2
Toets de code 84 in.
3
4
Toets de pincode van het basisstation in.
De standaardpincode is 0000.
>
In het display verschijnen de aangemelde toestelnummers.
5
Toets het interne gewenste toestelnummer in.
>
In het display verschijnt de huidige instelling.
Druk op 1 voor inschakelen of 0 voor uitschakelen.
6
7
Druk op c om de instelling op te slaan.
Selectief geblokkeerde telefoonnummers wissen
1
Druk op c.
Druk op /.
2
Toets de code 87 in.
3
4
Toets de pincode van het basisstation in.
De standaardpincode is 0000.
>
In het display verschijnen de toestelnummers waarvoor
selectief geblokkeerde telefoonnummers zijn ingevoerd.
5
Toets het interne gewenste toestelnummer in.
6
Druk op c.
>
De geblokkeerde nummers zijn gewist voor de betreffende
handset.
3.15
Telefoonnummers vrijgeven bij blokkeringen
De telefoonnummers die u hier programmeert, kunnen ook wor-
den gekozen op een totaal geblokkeerde handset en bij een selec-
tief geblokkeerde handset. U kunt 4 verschillende telefoonnum-
mers of een deel van een telefoonnummer invoeren (maximaal
16 tekens). De 4 telefoonnummers gelden voor alle aangemelde
handsets.
33