Het
relais 5551 kan voor het maken van verschillende schakelingen worden
gebruikt. De 4 omschakelcontacten worden door spanningsimpulsen (zie aansluitingen
van de aansluitbussen, figuur 1) allemaal tegelijk omgeschakeld. Zij zijn onderling
elektrisch van elkaar gescheiden. De verschillende omschakelcontacten kunnen dus
verschillende opdrachten uitvoeren. Het relais 5551 kan voor een functiecontrole of bij
contactproblemen van buitenaf worden bediend. Voor dit doel is in het midden van het
huis een schakelaar geplaatst (zie figuur 2).
Tijdens handbediening mag er geen elektrische aansturing van buitenaf aanwezig zijn.
Dat wil zeggen dat de ingangen tijdens de handbediening stroomloos moeten zijn.
Wanneer het relais via reedcontacten moet worden aangestuurd moet men erop letten
dat de impulsen lang genoeg zijn. Daarom moeten lange in de rijrichting gemonteerde
schakelmagneten worden gebruikt. Op basis van de inductieve belasting van de
reedcontacten moeten deze groot genoeg zijn (ca. 0,5A of meer).
Het relais bezit een echte eindafschakeling met eindafschakelcontact. Dit contact kan
worden gebruikt voor het melden van de stand naar een bedieningspaneel dat voor het
ontvangen van terugmeldingen (b.v.
Let op!
Alle aansluitwerkzaamheden mogen alleen bij een afgeschakelde
bedrijfsspanning worden uitgevoerd!
De stroombronnen moeten dusdanig zijn beveiligd dat zij ingeval
van een kortsluiting geen draadbrand kunnen veroorzaken. Gebruik
daarom alleen in de handel te verkrijgen volgens VDE/EN
gefabriceerde modelspoortransformatoren!
Montage
De bevestiging van het modulehuis wordt gedaan met de bijgevoegde
schroeven.
2
5559) geschikt is.
Gebruik van de
Draad isoleren
1
ca. 1,5 cm
Stekker opschuiven.
3
Aansluiten van de 5551
blauw
Universal
Relais
5551
blauw
Schakelaar,
2 drukknoppen of
2 railcontacten
Universal
Relais
5551
- stekker
Kern in elkaar
2
draaien.
Draad ombuigen
4
Figuur 1
geel
14-16 V
Bruin
Modelspoor transformator
Figuur 2
3