Apparaat inschakelen
Nadat het apparaat, zoals in het hoofdstuk montage en in
gebruik nemen is beschreven, klaar voor gebruik is opgesteld
kan het worden ingeschakeld.
1. Druk op de toets On/ Off (12), voor het inschakelen van het
apparaat.
ð Het apparaat geeft een akoestisch signaal.
ð Het apparaat meet binnen 3 minuten de luchtkwaliteit.
De kleurindicatie PM2.5 (8) toont de actuele
luchtkwaliteit met kleuren.
ð De toets Auto (15) brandt.
ð De LED's Speed (11) branden op basis van de gemeten
luchtkwaliteit en ventilatorsnelheid.
Bedrijfsmodus instellen
Het apparaat beschikt over de volgende bedrijfsmodi:
• Automatische modus
• Nachtmodus
• Ventilatie
Automatische modus
In de automatische modus detecteert het apparaat de
luchtkwaliteit.
Ga als volgt te werk, voor het instellen van de automatische
modus:
ü Het apparaat is ingeschakeld.
1. Druk op de toets Auto (15).
ð De toets Auto (15) brandt.
ð Het apparaat werkt in de automatische modus.
ð Het apparaat meet binnen 3 minuten de luchtkwaliteit.
De kleurindicatie PM2.5 (8) toont de actuele
luchtkwaliteit met kleuren.
Werkt het apparaat in de automatische modus en wordt het
donker, schakelt de lichtdetectiefunctie het apparaat naar de
nachtmodus.
Wordt het weer licht, schakelt het apparaat weer naar de
automatische modus.
De weergave PM2.5/Timer (9) toont de gemeten
fijnstofbelasting (PM2.5-waarde).
De LED's Speed (11) branden op basis van de automatisch
ingestelde ventilatorsnelheid.
NL
Afhankelijk van de gemeten fijnstofbelasting wordt de
luchtkwaliteit via de kleurenweergave PM2.5 (8) en
weergave PM2.5/Timer (9) als volgt weergegeven:
Kleurenweergave
luchtkwaliteit
Brandt groen
(zeer goede luchtkwaliteit)
Brandt geel
(middelmatige luchtkwaliteit)
Brandt rood
(slechte luchtkwaliteit)
Ga als volgt te werk, voor het uitschakelen van de automatische
modus:
1. Druk op de toets Auto (15).
ð De lamp in de toets Auto (15) gaat uit.
ð Het apparaat schakelt om naar de bedrijfsmodus
ventilatie.
Info
Automatische modus en virusfiltering
Gebruik de automatische modus niet als het apparaat
wordt gebruikt voor virusfiltering!
De ingebouwde sensoren reageren alleen op
luchtbelastingen door fijnstof, pollen of evt. VOC's
(organische chemische verbindingen). De
virusbelasting in de ruimte kan niet worden gemeten
door het apparaat. Het is mogelijk dat de automatische
modus een goede luchtkwaliteit aangeeft, hoewel de
virusbelasting in de ruimte zeer hoog is.
Daarom adviseren wij bij het gebruik van het apparaat
in relatie tot virussen altijd een op de ruimtegrootte,
resp. circulatiewaarde afgestemd capaciteitsniveau te
kiezen.
Nachtmodus
In de nachtmodus wordt het bedieningspaneel gedimd en levert
het apparaat een zachte luchtstroom, die rekening houdt met
uw slaapbehoefte.
Ga als volgt te werk voor het inschakelen van de nachtmodus:
ü Het apparaat is ingeschakeld.
1. Druk op de toets Sleep (20).
ð De toets Sleep (20) brandt.
2. Druk opnieuw op de toets Sleep (20), om de nachtmodus
weer uit te schakelen.
ð Het lampje in de toets Sleep (20) gaat uit. Het apparaat
werkt met ventilatorsnelheid 1 en de automatische
modus is gedeactiveerd.
luchtreiniger AirgoClean® 140 E / AirgoClean® 145 E
Weergave fijnstofwaarde
(PM2.5-waarde)
0-50
51-100
> 100
9