Voorzorgsmaatregelen voor gebruik
" Gebruik deze printer in een omgeving die voldoet aan de
volgende voorwaarden
!
Temperatuur : 0 – 40 °C
!
Vochtigheid: 20 – 80 % (maximale natte-boltemperatuur: 27 °C)
!
Gebruik de printer niet op een plaats met een extreem
hoge of lage temperatuur, extreme vochtigheid, extreem
veel stof of extreem veel trillingen en sla deze daar ook
niet op. Dit kan namelijk leiden tot schade of een slechte
werking van de printer.
!
Gebruik de printer niet op een plaats waar deze is
blootgesteld aan extreme temperatuurwisselingen. Dit leidt
mogelijk tot condensvorming waardoor de printer
beschadigd raakt of niet meer goed werkt.
!
Mocht er toch condensvorming optreden, laat deze dan op
een natuurlijke manier drogen voordat u de printer weer
gaat gebruiken.
" De behuizing van de netvoedingsadapter en de printer
kunnen warm worden tijdens het laden of afdrukken. Dit duidt
niet op een slechte werking.
" Trek de stekker uit het stopcontact als de printer niet gebruikt.
" Blokkeer de papieruitvoersleuf niet.
" De aansluiting of het laden kan mislukken als de connector
van de netvoedingsadapter of de USB-poort vies is. Maak de
connector en poort dan ook regelmatig schoon met een
droog wattenstaafje.
" Gebruik een zachte, droge doek bij het schoonmaken van de
printer. Gebruik hierbij geen benzeen of
verfverdunningsmiddelen. Hierdoor kan de printer verkleuren
of vervormd raken. (
" Gebruik eventuele accessoires als beschreven in de
betreffende handleiding.
→
Zie pagina 14).
Voorzorgsmaatregelen
xi