Werking van meter
1. Breng een vierkant stukje reflectieve kleefband
(0,5"/12mm) aan op het oppervlak van het te meten
voorwerp.
2. Richt de meter naar het te meten apparaat op een
afstand van 50 tot 500mm (2" tot 20").
3. Druk op de Meetknop (MEAS) en richt de laserstraal
naar de reflectieve kleefband.
4. Controleer of de (
) monitorindicator op de LCD wordt
(
)
( )
weergegeven als de laserstraal de reflectieve kleefband
passeert.
5. Om de eenheid (RPM of REV) te wijzigen, laat de MEAS
knop los en druk op de MODE knop.
6. Als u de Meetknop loslaat wordt de laatste meting
gedurende 5 tot 10 seconden op het scherm
weergegeven voordat de automatische uitschakeling de
meter uitschakelt.
7. Met de meter UIT, druk op de MEM (geheugen) knop
om de MAX, MIN en LAST (LAATSTE) tpm-waarden of
het laatste toerental (REV) van de laatste meetperiode
op te roepen.
Opmerkingen over metingen
1. Fel omgevingslicht kan de reflectieve lichtstraal
hinderen. Het verduisteren van het doeloppervlak is in
sommige gevallen noodzakelijk.
2. Het niet-reflectief gebied dient altijd groter te zijn dan het
reflectief gebied.
3. Als de schacht of het draaiend voorwerp normaal
reflectief is, dient deze afgedekt te worden door zwarte
kleefband of verf alvorens de reflectieve kleefband aan
te brengen.
4. Om de herhaalbaarheid van lage tpm-metingen te
verbeteren, breng extra vierkante stukjes reflectieve
kleefband aan. Deel de weergegeven meting op het
display door het aantal vierkante stukjes van reflectieve
kleefband om de werkelijke tpm te berekenen.
3
461920-EU V2.1 8/09