Weerstation Universeel
Apparaat uitrichten
o
Sensorkop naar de windstreek of – afhankelijk van de gedetailleerde omstandigheden ter
plaatse – volgens geveluitlijning uitlijnen (afbeelding 9).
4.2 Inbedrijfname
Apparaat in bedrijf nemen
Afbeelding 10: Positie van programmeer-LED en bladveercontact
o
Busspanning inschakelen.
o
Voedingsspanning inschakelen.
o
Meegeleverde programmeermagneet tegen het geïntegreerde reedcontact (12) houden.
De programmeer-LED (13) geeft de programmeertoestand in het blauw aan.
o
Fysiek adres toekennen en toepassingssoftware in het apparaat laden.
o
Fysiek adres op stickers op de onderkant noteren.
Het apparaat is bedrijfsklaar.
82590123
j0082590123
Afbeelding 9: Weerstation uitlijnen
7/9
17.03.2017