Touch Screen Controller
5
Voer de initiële instellingen uit
Unitinstellingen
Laat onderhoudspersoneel de volgende taken uitvoeren.
1
Controleer de installatie en bedrading van de hoofdunit.
Volg de instructies voor installatie om de installatie en de bedrading te voltooien.
2
Controleer de bedrading tussen de afstandsbediening, binnenunit en de buitenunit.
Controleer of het adres van de afstandsbediening naar de Unit correct is en zet AAN/UIT, koelen/verwarmen
en bevestig dat de werking normaal is.
3
Maak een lokaal instellingsbestand aan met de software voor het aanmaken van
softwarebestanden
Voer benodigde informatie op basis van lokale airconditionerinformatie en weergavetaalinstellingen, enz. in een pc
waarop de software voor het aanmaken instellingenbestanden is geïnstalleerd om een lokaal instellingenbestand in.
4
Upload het lokale instellingenbestand
Sluit de Unit aan op een pc via LAN en upload het lokale instellingenbestand.
Tijdens het uploaden, start het toestel opnieuw.
5
Bevestig de inhoud van de instellingen
Controleer of de schermweergave van de Unit is ingesteld volgens het lokale instellingenbestand, zet AAN/UIT en
controleer of de Unit die op het scherm wordt bediend overeenkomt met de werkelijke Unit die begint te werken.
Instellingen voor bewaking op afstand met een pc
U kunt de unit bewaken en besturen door middel van toegang vanaf een pc. Deze paragraaf geeft uitleg over de instellingen voor
de Unit en de pc. Zie „9. Bewaking op afstand via een pc" (P.65) voor het systeemdiagram en de gebruiksomgeving van de pc.
●
OPMERKING
Sommige functies kunnen niet worden gebruikt vanaf een pc. Zie oor meer informatie „Lijst per Vergrendelingsniveau" (P.75).
Systeemdiagram
20
-NL
LAN
Handleiding
Gebruik één LAN-lijn om
maximaal 128 binnenunits
aan te sluiten