Namen van onderdelen
Hoofdtoestel
Ç
¬
‰
Î
Ó
Ì
Å VOL (Volume) regelaar
ı LINE OUT aansluiting
Ç
PHONE (Hoofdtelefoon/ Afstandsbediening)
aansluiting
Î 7 (Stop/ Uitschakel) toets
‰ HOLD schakelaar
Ï Batterijvakken
Ì 38 (Weergave/ Pauze) toets
Ó OPEN schakelaar
(Verschuiven om de bovenklep te openen)
¬ DC IN 4.5V (externe spanning) aansluiting
Afstandsbediening
Toetsen op de afstandsbediening die dezelfde naam
als de overeenkomende toetsen op het hoofdtoestel
hebben, functioneren als de toetsen op het hoofd-
toestel.
Å
ı
Ç
Î
Ô
¬
Ó
Ì
Å MENU toets
ı MODE toets
Ç EQ toets
Î HOLD schakelaar
‰ 38 (Weergave/ Pauze) toets/
4, ¢ toetsen/
7 (Stop/ Uitschakel) toets
Ï Hoofdtelefoon aansluiting
Ì VOL (Volume) regelaar
Ó Display
¬ ∞, 5 toetsen
Ô Sujetador
Display (Afstandsbediening)
Å
1ALL ALBUM INTRO PROG RAND
••••••••••••
••••••••••••
Å Weergavefunctie-indicator/
Programmeerfunctie-indicator
ı Batterij-indicator
Ç Tekendisplay
Spanningsbronnen
Gebruik van de netadapter 1
LET OP
Gebruik de meegeleverde netstroomadapter
(AC-45060A) voor dit product.
ı
Naar DC IN 4.5V
Å
(externe
spanning)
aansluiting
DC IN 4.5V
Ï
Gebruik van oplaadbare batterijen 2
Opmerking:
Er worden geen oplaadbare batterijen mee-
geleverd met dit toestel. Gebruik altijd de
los verkrijgbare oplaadbare batterij NB-
3A70. Oplaadbare batterijen anders dan het
model NB-3A70 kunnen mogelijk niet wor-
den opgeladen.
7
Plaatsen van batterijen
1 Open de batterij-afdekking.
2 Plaats 2 of 4 oplaadbare batterijen en sluit de
afdekking.
‰
Ï
÷ Controleer dat de positieve (+) en negatieve (–)
polen in de juiste richting wijzen.
÷ Als u twee batterijen gebruikt, kunnen deze in
willekeurig welk vak worden gedaan.
÷ De batterijen kunnen warm worden tijdens het
opladen of tijdens gebruik. Dit is normaal en duidt
niet op een storing.
7
Laden van de oplaadbare batterijen
1 Verbind de netadapter.
2 Houd de 7 toets ingedrukt tot "Charge" verschijnt
in het uitleesvenster van de afstandsbediening
(tenminste 3 seconden).
Charge Check
P
ower IN
3 Ontkoppel de netadapter nadat de batterijen zijn
geladen.
÷ Bij gebruik van nieuwe oplaadbare batterijen
of batterijen die ongeveer 2 maanden niet zijn
gebruikt, zal de gebruikstijd mogelijk korter
dan normaal zijn. Dit wordt veroorzaakt door
een eigenschap van de batterij en duidt niet op
een defect.Na het laden moet u de batterijen
met het toestel gebruiken totdat ze geheel zijn
uitgeput. Wanneer de gebruikstijd van de bat-
ı Ç
terijen aanzienlijk korter wordt kunt u de oor-
spronkelijke tijd weer krijgen door de batte-
rijen een paar maal geheel te laden en te
gebruiken totdat ze zijn uitgeput.
÷ U kunt batterijen niet tijdens weergave opla-
den. Schakel de spanning uit alvorens de bat-
terijen op te laden.
÷ Zorg ervoor dat er geen alkali batterijen in de
batterijvakken zitten voor u de oplaadbare batte-
rijen gaat opladen.
÷ Het opladen duurt ongeveer 10 uur. Do not
attempt to recharge the batteries after this
period.
÷ Oplaadbare batterijen kunnen na het opladen
opnieuw worden gebruikt. Vervang de batte-
rijen door de los verkrijgbare oplaadbare batte-
rijen (NB-3A70) wanneer de gebruikstijd van
geladen batterijen aanzienlijk korter wordt.
Gebruik van alkaline batterijen 3
Opmerking:
Er worden geen alkali batterijen meegeleverd
met dit toestel.
1 Open de batterij-afdekking.
2 Plaats 2 of 4 alkaline batterijen en sluit de
afdekking.
Naar
stopcontact
÷ Controleer dat de positieve (+) en negatieve (-)
polen in de juiste richting wijzen.
÷ Als u twee batterijen gebruikt, kunnen deze in
willekeurig welk vak worden gedaan.
Bijgeleverde
÷ Gebruik in de handel verkrijgbare LR03 batterijen.
netadapter
Het toestel werkt mogelijk niet juist bij gebruik
met mangaan batterijen.
÷ Vervang 2 of 4 batterijen tegelijkertijd.
Bij gebruik van het toestel op 2 oplaad-
bare en 2 alkali batterijen 4
LET OP
Doe in geen geval één oplaadbare en één
alkali batterij samen in hetzelfde batterijvak.
Anders kan er een batterij barsten of lekken,
hetgeen kan leiden tot brand, letsel of schade
aan het batterijvak en onderdelen in de buurt.
U kunt dit toestel met 2 oplaadbare én 2 alkaline
batterijen gebruiken.
÷ Bij gebruik van vier batterijen moet u deze zodanig
plaatsen dat de batterijen van hetzelfde type hori-
zontaal met elkaar in lijn zijn (zie de afbeelding).
÷ Gebruik altijd de los verkrijgbare oplaadbare bat-
terij NB-3A70.
÷ Vervang batterijen van hetzelfde type tegelij-
kertijd.
OK
Indicator voor resterende batterijspanning
Het moment waarop de indicator voor reste-
rende batterijspanning start te knipperen is ver-
schillend afhankelijk van het type batterij.
Oplaadbare batterijen
¶
Wanneer de batterijen bijna zijn uitgeput:
]De spanning zal binnenkort worden uitge-
schakeld. Laad dan de batterijen op.
Alkaline batterijen
¶
Wanneer de batterijen half leeg zijn:
]Weergave wordt gewoon voortgezet.
Oplaadbare batterij (NB-3A70)
Alkaline batterij
Batterij-indicator