6
|
Richtlijnen met betrekking tot mogelijke toepassingen
6.5.1 Geproduceerde warmte
6.5.2 Verbruikte energie
Uitgebreide handleiding voor de installateur
58
INFORMATIE
De berekende geproduceerde warmte en energieverbruik zijn bij benadering, daar
de nauwkeurigheid niet gegarandeerd kan worden.
INFORMATIE
De sensoren die gebruikt worden om de geproduceerde warmte te berekenen,
worden automatisch geijkt.
INFORMATIE
Indien er geen glycol in het systeem is ([E‑0D]=1]), zal de geproduceerde warmte
NIET worden berekend en zal deze niet op de gebruikersinterface verschijnen.
▪
De geproduceerde warmte wordt intern berekend op basis van:
-
De aanvoerwatertemperatuur en de retourwatertemperatuur
-
Het debiet
-
Het energieverbruik van de boosterverwarming (indien van toepassing) in de
warmtapwatertank
▪
Op/instelling en configuratie:
-
Geen bijkomend apparatuur nodig.
-
Alleen wanneer een boosterverwarming in het systeem aanwezig is, meet dan
zijn capaciteit (door de weerstand te meten) en stel de capaciteit via de
gebruikersinterface in. Voorbeeld: Als u een boosterverwarmingsweerstand
van 17,1 Ω meet, bedraagt de capaciteit van de boosterverwarming op 230 V
3100 W.
U kunt de verbruikte energie op de volgende manieren bepalen:
▪
Door het te berekenen
▪
Via metingen
INFORMATIE
U kunt deze manieren niet combineren: de verbruikte energie berekenen (voor de
back-upverwarming, bijv.) en de verbruikte energie meten (voor de buitenunit, bijv.)
gaat dus niet. Als u dat toch zou doen, zullen de energiegegevens fout zijn.
De verbruikte energie berekenen
▪
De verbruikte energie wordt intern berekend op basis van:
-
Het werkelijk opgenomen vermogen van de buitenunit
-
De ingestelde capaciteit van de back-upverwarming en de boosterverwarming
(indien van toepassing)
-
De spanning
EPRA08~12EAV3+W1 + ETBH/X12EF6V+9W
Daikin Altherma 3 H MT W
4P634885-1 – 2021.03