Smart BMS Manager
4
Verbinding van stroomkabels/aarddraden/
communicatiekabels
Verbind stroomkabels, communicatiekabels en aarddraden met de gespecificeerde aansluitklemmen op het aansluitblok.
VEREISTE
Bevestig een ronde drukklem aan het uiteinde van elke draad, behalve die voor digitale input en output.
De voedingsaansluitingen op de
centraal besturingsapparaat
hebben polariteit. Zorg ervoor
dat u de kabels op de juiste
manier verbindt. Anders kan dit
leiden tot een storing.
Power Supply Unit
1
2
3
4
Centraal
besturingsapparaat
stroomkabel
Voeding
220-240V AC
Stroom-
kabel
Bevestig de
kabel stevig
met de klem.
TCC-LINK U1 en U2
hebben geen polariteit.
TCC-LINK1
U1
De TCC-LINK
communicatiekabel
moet worden geaard
op de airconditioner.
Sluit de afgeschermde
draad niet aan op het
aansluitingsblok. Deze
moet open en
geïsoleerd zijn.
Verbind de aarddraad stevig met
de aardklem op de eenheid.
De RS-485-signaaldraad heeft
polariteit A en B. Wees
voorzichtig bij het verbinden van
de draad.
TCC-LINK2
U2
FG
U1
U2
FG
TCC-LINK-communicatiekabel 2
TCC-LINK-
communicatiekabel 1
Buitenunit
Buitenunit
Binnenunit
Binnenunit
Afstands-
bediening
Afstands-
bediening
Functionele
aarding
Installatiehandleiding
RS-485
A
B
Verbind de
afgeschermde draad
van de RS-485-
communicatiekabel
met de FG-
aansluitklem.
RS-485
Maak verbinding met de
communicatiekabel
relaisinterface van het
monitorprogramma voor
energie en de digitale
input/output-
relaisinterface
Wekelijkse timer
(afzonderlijk verkocht)
LAN-kabel
Klant-PC
Klemfilter
Verbind de aansluiting voor de
functionele aarding met de aarding
bij het centraal besturingsapparaat.
NL
-NL
9