HET INSCHAKELEN VAN HET ALARM MET DE CODESLEUTEL
Het is ook mogelijk het alarm in te schakelen met de meegeleverde codesleutel, door deze met de metalen delen
op de LED op het dashboard te drukken. Het aansturen van de centrale vergrendeling zal hierbij niet
plaatsvinden.
Het alarm heeft dan de gebruikelijk insteltijd van 45 seconden. Door het
alarm in te schakelen met de codesleutel zal het alarm, als daar rede voor
is, met 5 seconden vertraging afgaan op de volgende functies :
-
het openen van de deuren ;
-
ultrasoondetectie;
spanningsval. Ä (in Nederland niet toegestaan)
-
HET UITSCHAKELEN VAN HET ALARM MET DE CODESLEUTEL
Het is mogelijk het alarm uit te schakelen met de code sleutel door deze
met de metalen delen op de LED op het dashboard te drukken.
PANIEK ALARM Ä
(Alleen sirene geluid)
Deze functie is door de installateur te programmeren en wordt geactiveerd door de "B" knop van de handzender
in te drukken indien het alarm op scherp staat of indien het alarm uit staat. De sirene zal direkt na het indrukken
van de "B" knop afgaan gedurende een periode van 5 seconden en kan tussentijds worden opgeheven door
nogmaals deze knop in te drukken. Hierbij zal de status van het alarm niet wijzigen (aan of uit).
DE LED
De LED heeft de volgende functies :
-
het geeft de insteltijd aan (de eerste 45 seconden na het inschakelen van het alarm). De LED brandt
constant;
-
het geeft de waakstand aan (LED knippert);
-
het geeft het uitschakelen van de sirene aan;
-
het geeft het aantal handzenders en codesleutels aan dat in het geheugen van het alarm is ingelezen;
na het uitzetten van het contact knippert de LED het aantal actieve handzenders voor het alarm (4 keer
knipperen
betekent 4 actieve handzenders); na 2 seconden knippert de LED het aantal actieve codesleutels
voor het alarm;
-
het geeft het alarmgeheugen aan;
-
het geeft een alarm-oorzaak aan gedurende de insteltijd (bij testen);
-
het geeft een bevestiging bij het programmeren;
-
het geeft de passieve inschakeling aan.
Tevens is het mogelijk gedurende de 45 seconden insteltijd een correcte werking van het alarm te controleren.
Door de verschillende alarmfuncties aan te sturen zal tijdens de insteltijd de buzzer een maal klinken en de LED
kort doven; 45 seconden na het inschakelen van het alarm gaat de LED knipperen en gaat het alarm af als een
van de alarmfuncties wordt aangestuurd.
AUTOMATISCH INSCHAKELENDE STARTBLOKKERING (PASSIEVE INSCHAKELING) #
De startblokkering treedt automatisch in werking ca. 16 seconden na het uitzetten van het contact en het openen
en sluiten van de bestuurders deur. Indien de deur gesloten blijft zal de startblokkering pas na ca. 5 minuten
automatisch inschakelen.
Dit wordt kenbaar gemaakt door :
-
het een keer oplichten van de richtingaanwijzers;
het een keer klinken van de buzzer; Ä
-
-
het branden van de LED.
Het uitschakelen :
-
druk twee keer op de "A" knop van de handzender.
of :
-
zet het contact van de auto aan (niet starten);
-
druk op de "A" knop van de handzender.
Indien na het uitschakelen van de startblokkering niet binnen twee minuten een deur wordt geopend, zal de
startblokkering automatisch weer inschakelen.