10 - INREGELEN WATERHOEVEELHEID
De watercirculatiepompen van de 30RA units zijn zo gedimen-
sioneerd dat de hydro module met alle mogelijke configuraties
kan werken op basis van de specifieke systeemcondities. D.w.z.
voor verscheidene temperatuurverschillen tussen waterintrede -
D
uittrede (
T) bij vollast. Deze verschillen kunnen variëren
tussen 3 en 10°C.
Dit benodigde verschil tussen waterintrede- en uittredetempera-
tuur bepaalt de nominale waterstroming voor het systeem.
Het is absoluut noodzakelijk dat de nominale waterstroming
voor het systeem bekend is zodat dit kan worden geregeld door
middel van een handmatige inregelklep in de wateruittrede-
leiding van de module (nr. 9 in het principeschema).
Met het drukverlies gegenereerd door de inregeklep in het
watersysteem wordt de leidingweerstand curve aangepast aan de
pompopbrengst curve om het gewenste bedrijfspunt te bereiken
(zie voorbeeld voor 30RA 100). De uitlezing van het drukverlies
in de platenwarmtewisselaar wordt gebruikt voor regeling en
bijstelling van de nominale waterstroming in het systeem.
Het drukverlies wordt gemeten door de manometer gemonteerd
in de waterintrede en -uittrede van de warmte-wisselaar.
Gebruik de offerte specificatie van de unit voor informatie over
de bedrijfscondities van het systeem en de nominale waterhoe-
veelheid en het drukverlies van de platenwarmtewisselaar bij
de gespecificeerde condities af te leiden. Als deze informatie
niet beschikbaar is bij het inbedrijfstellen van de unit, neem
dan contact op met Carrier BV.
Deze gegevens kunnen ook worden verkregen uit de technische
documentatie met gebruik van de capaciteitstabellen voor een
D
T van 5 K bij de koeler of met het Electronic Catalogue selec-
D
tieprogramma voor alle
T condities anders dan 5 K tussen 3
en 10 K.
10.1 - Procedure inregelen waterhoeveelheid
Als het totale drukverlies van het systeem bij de inbedrijf-
stelling niet bekend is, dan moet de waterstroming worden
bijgesteld met de inregelklep om de juiste doorstroming voor
deze toepassing te verkrijgen.
Ga als volgt te werk:
Draai de klep volledig open (ca 9 slagen tegen de klok in).
Start de pomp via de Pro-Dialog Plus regeling (zie ook het
boekje Pro-Dialog Plus regeling 30RA/RY-30RH/RYH) en laat
hem twee uur lang draaien om het watercircuit van het systeem
te reinigen (aanwezigheid van vervuilende substanties).
Bereken het drukverlies van de platenwarmtewisselaar door het
verschil te nemen tussen de uitlezingen van de manometer op
de waterintrede en uittrede van de warmtewisselaar, met behulp
van afsluiters (zie de volgende diagrammen), en deze na twee
uur bedrijf te vergelijken.
20
Uitlezing druk intredewater
F
Uitlezing druk uittredewater
O
Ontluchting
F
Verklaring
O
Open
F
Dicht
Waterintrede
Wateruittrede
Manometer
OPMERKING: Geldt voor unit typen 040-160.
Als het drukverlies is gestegen dan betekent dit dat het
gaasfilter moet worden verwijderd en gereinigd omdat het
watercircuit stofdeeltjes bevat.
Sluit in dit geval de afsluiters bij de waterintrede en -uittrede,
tap de watersectie van de unit af en vervang het gaasfilter.
Ontlucht het systeem (zie diagram 'Ontluchten').
O
F
F
F
O
O