1. Plan voor Systeeminstallatie
Planning van binnenshuis- en buitenshuismodus.
Het alarmsysteem ondersteunt twee modi voor activering. Binnenshuis en Buitenshuis. De
Buitenshuismodus schakelt alle accessoires in die geïnstalleerd zijn om alarm te geven wanneer
deze getriggerd worden. De binnenshuismodus zal slechts ten dele de geïnstalleerde systemen
activeren, zodat geen indringer kan binnendringen, maar de gebruiker wel veilig door het eigen huis
kan bewegen. Plan vooraf waar u het apparaat plaatst, zodat u kunt vaststellen welk deel van het
huis onbeschermd kan blijven in binnenshuismodus, en bepaal vast welke sensoren nog steeds
dienen te werken in deze modus.
Voor meer informatie zie 5. Connect2Home App
Werkingsafstand
Alle apparaten binnen het systeem hebben een geschatte werkingsafstand van 30 meter onder
gemiddelde omstandigheden. Dit kan van huis tot huis verschillen. Wanneer u apparatuur installeert,
zorg er dan voor dat u deze test voordat u het apparaat bevestigt.
Manipulatiebescherming
De accessoires worden tegen manipulatie beschermd door een "manipulatieschakelaar", die
getriggerd wordt wanneer het apparaat van de bevestiging wordt gehaald of de afdekking geopend
wordt. Wanneer de manipulatieschakelaar getriggerd wordt, zal het alarmsysteem geactiveerd
worden. De SA2500 heeft zelf geen manipulatieschakelaar. De reden hiervoor is dat deze
normaliter ergens wordt opgehangen waar sensoren en detectoren een indringer al detecteren.
Systeemuitbreiding
Naast de in dit pakket opgenomen apparaten, kunt u het systeem uitbreiden door extra accessoires
aan te schaffen. Hieronder vallen extra PIR sensoren (beweging sensoren) of Deur sensoren voor
uitbreiding van het beschermde gebied, Afstandsbediening om het systeem van afstand te
bedienen. Rookmelder voor bescherming tegen vuur, temperatuursensor voor
temperatuurmetingen en een Stroomschakelaar voor energiebeheer en automatisering van uw
huis.
Voor meer informatie zie 5. Connect2Home App
Algemene Richtlijnen voor plaatsing apparatuur:
Vermijd plaatsing van het controlepaneel en apparaten dicht bij grote metalen objecten of
bronnen van elektrische interferentie, zoals koelkasten, magnetrons, etc. Deze kunnen de
signaalsterkte negatief beïnvloeden.
Apparatuur met manipulatiebescherming, dient op vlakke ondergrond te worden geplaatst. Dit
om correcte werking van de manipulatieschakelaar te garanderen. Bij een niet vlakke
ondergrond, maak gebruik van extra verpakkingsmateriaal om een vlakke ondergrond te
realiseren.
1